Honden in rasgroep 8: rassenclassificatie volgens de FCI

16 juni 2018
Honden met soortgelijke eigenschappen behoren tot dezelfde grote belangrijkste groepen. Lees de details over rasgroep 8 hier.

De FCI – Fédération Cynologique Internationale – is verantwoordelijk voor het vaststellen van de standaarden waar elk hondenras aan wordt gehouden. Ze ordenen de rassen ook in verschillende groepen naar aanleiding van hun eigenschappen. In dit artikel gaan we het hebben over honden die tot rasgroep 8 behoren. Hier onder vallen de retrievers, jachthonden en waterhonden.

Honden in rasgroep 8: retrievers

Ook wel ‘cobradores de caza’ genoemd in het Spaans. De honden in deze sectie staan er om bekend dat ze hun prooien naar jagers brengen. Ze zijn ontwikkeld om de controle te houden, hun geschoten prooi aan te wijzen, ‘blinde’ beloningen in ontvangst te nemen en om natuurlijk de commando’s van hun eigenaar te gehoorzamen. Onder de 6 verschillende retriever-rassen vallen:

Rasgroep 8: retrievers

1. Labrador retrievers

Labrador retrievers horen bij de meest populaire huisdieren van de wereld en kennen hun oorsprong in Canada. Wat betreft hun gedrag: ze vallen onder andere op door hun intelligentie, vriendelijkheid, energie en zachtaardigheid. Het zijn geweldige kameraden, ze gedragen zich daarnaast goed rondom kinderen, ze zijn zeer gehoorzaam en erg lief. Labrador retrievers kunnen zowel een zwarte, bruine als zandkleurige vacht hebben. Verder hebben ze wel de neiging om heup- of elleboogdysplasie te ontwikkelen vanwege overgewicht (wat vaker voorkomt bij dit ras).

2. Flatcoated retriever

De flatcoated retriever stamt uit het Verenigd Koninkrijk waarvan de eerste exemplaren in de de negentiende eeuw voorkwamen. Over het algemeen wordt aangenomen dat hun voorouders uit Canada komen. Dit ras stond op de rand van uitsterven tijdens de Tweede Wereldoorlog, maar won weer aan populariteit in de zestiger jaren vanwege hondensporten en bergexpedities. Ze zijn redelijk zelfverzekerd, stellen graag hun eigenaren tevreden en zijn bovendien perfecte kameraden met een stevige blaf. Ze hebben een dikke, glanzende zwarte vacht.

Honden in rasgroep 8:  jachthonden

Alle honden in deze sectie zijn van óf een kleine óf een middelgrote bouw en hebben grote hangoren. Hun voornaamste doel is om te assisteren bij de vogeljacht: eerst vinden ze de vogels en daarna brengen ze deze naar de jager. Er zijn in totaal 9 rassen binnen deze sectie, waaronder de volgende:

1. Engelse cocker spaniels

Oorspronkelijk komt de Engelse cocker spaniel uit Wales en hij werd gebruikt om op roodbaars te jagen. Zijn vroegste voorouders komen uit Spanje, en zijn nakomelingen op hun beurt weer uit de Verenigde Staten. Zijn oren zijn lobbig en hangen op ooghoogte.

De vacht van een Engelse cocker spaniel kan één of meerdere kleuren bevatten, zoals lichtbruin, wit, zwart, enzovoorts. Ze zijn heel intelligent, resoluut en alert. Bovendien worden ze niet graag alleen gelaten en zullen ze gaan blaffen indien dit wel gebeurt. Deze honden zijn ideaal als je bijvoorbeeld in een stadsappartement woont.

2. Welsh springer spaniel

Nog een jachthond. Deze heeft een bijna vierkant lichaam, een lange staart, bruine ogen en licht harige oren. Ze wegen maximaal 20 kilogram, hun vacht is rossig en wit en voelt erg zacht aan. Welsh springer spaniels zijn extreem trouw, liefhebbend en actief, al zijn ze wel een beetje terughoudend rondom vreemden. Ze hebben de neiging om zich een beetje aanhankelijk op te stellen richting hun baasjes en negeren vaak commando’s als ze niet fatsoenlijk getraind zijn.

Honden in rasgroep 8: waterhonden

Binnen deze sectie bestaan 8 rassen met wollige en krullende vachten die vooral binnen zeegebieden goed tot hun recht komen. Van deze acht willen wij graag de volgende benadrukken:

Rasgroep 8: waterhonden

1. Poedels

Ook al kunnen deze honden ook worden teruggevonden in rasgroep 9 van de FCI, poedels bezitten fysieke eigenschappen waardoor ze perfect binnen de sectie ‘waterhonden’ passen. Ze waren voor het eerst te zien in de vijftiende eeuw en waren oorspronkelijk bedoeld voor mensen van adel en aristocraten.

Tot de Renaissance werden ze gebruikt om eenden en zwanen binnen te halen. Er bestaan vier poedel-variaties afhankelijk van hun grootte (groot, middelgroot, dwerg en toy). Het zijn actieve, speelse en bovendien vrolijke honden en ze raken niet snel afgeleid.

2. Spaanse waterhonden

Deze honden komen oorspronkelijk uit Andalusië en terwijl ze eerst gebruikt werden om vee te hoeden en om te assisteren op boten, hebben ze een plekje gekregen in de waterhonden-sectie vanwege hun uiterlijk. Hun vacht kan zwart, bruin, wit of beige zijn – of een combinatie van deze kleuren zijn. Spaanse waterhonden zijn niet alleen loyaal, vrolijk en gehoorzaam, maar ook moedig, hardwerkend en evenwichtig met een sterk ontwikkeld jacht,- en waakinstinct.